circle-cropped (1).png
Search
  • Samuel

3. Eindeloze groei levert Wilma niks op

Updated: Jul 25, 2020

Wilma groeit als kool. Het kleine meisje van tweeënhalve kilo is er intussen eentje van vijf geworden. Ze heeft bolle wangetjes gekregen en forse billetjes en kuitjes. Ze groeit zo snel, dat het ons met een dubbel gevoel opzadelt. Het is iets dat veel ouders zullen herkennen: je kijkt uit naar elke volgende stap, maar tegelijkertijd is het jammer dat elke fase in een handomdraai weer achter de rug is.


Groeien is fijn, maar het mag niet te snel gaan. Haar huidige spurt gaat ze gelukkig niet volhouden. Aan het tempo dat ze nu groeit, zou Wilma honderd kilo wegen als ze vijf is. Dat hoeft nu ook weer niet.

Hetzelfde geldt voor onze economie en maatschappij. Altijd groter is niet altijd beter. Net zoals Wilma zelf hoeft de wereld rond haar niet oneindig te blijven groeien.


Toch komt het daar vaak op neer als ik voorspellingen lees over de toekomst waarin onze dochter terecht komt. Iedereen kent krantenkoppen als ‘Nederlandse economie groeit met 1,7 procent’, of ‘Belgische economie krimpt in eerste kwartaal met 3,9 procent’.


Als het bbp - de totaalwaarde van alle goederen en diensten die worden geproduceerd - groeit, gaat het schijnbaar goed met een land en de mensen die er wonen. Als het daalt, ziet de toekomst er minder rooskleurig uit.


Het klinkt logisch. Als onze economie als gevolg van de coronacrisis zeven procent krimpt, gaan er inderdaad jobs verloren en komen mensen in de problemen. Om dergelijke schommelingen te meten, is het bbp goed geschikt.


Het probleem: het toont slechts een detail van het totaalplaatje.


Het cijfer berekent niet het hoe gelukkig we zijn, hoe het met onze gezondheid gesteld is, hoe goed ons onderwijs is of hoe onze planeet eraan toe is. Het berekent bovendien niet wie profiteert van de rijkdom en wie niet.


De groei (of krimp) van het bbp zegt dus bijna niks over de toekomst van Wilma. Alle dingen die er echt toe doen, zijn er niet in verwerkt.


Dat het bbp groeit, impliceert niet dat waardevolle dingen erop vooruit gaan. De laatste jaren ging het economisch voor de wind, maar groeide de milieuschade zienderogen. Bovendien werden steeds meer mensen ontevreden, met winst voor populistische politici als gevolg.


Toch zetten politici wereldwijd alles op alles om hun groeicijfers te pushen. Met als voornaamste drijfveer dat iedereen het doet. Niemand wil achterlopen. Ondanks alle bezwaren en kwalijke gevolgen als overconsumptie, ongelijkheid en degradatie van de natuur moet het elk kwartaal weer net wat meer.


Historicus Noah Yuval Harari verwoordde uitstekend hoe het zover is kunnen komen. Bij gebrek aan een duidelijk mondiaal doel, heeft de wereld een hoger bbp - 'groei' - collectief omarmd als doel op zich, stelt hij. Terwijl dat nooit de bedoeling was. Het bbp is van oorsprong een maatstaf, geen doel.


Er zijn landen die bewijzen dat het anders kan. Costa Rica is een klassiek voorbeeld. Het bbp per hoofd van de bevolking is er een kwart van dat in de VS of Europa. Toch geven inwoners aan erg gelukkig te zijn. Het land geeft niet toevallig veel meer dan gemiddeld uit aan de gezondheidszorg, onderwijs en hernieuwbare energie.


Kortom, voor een betere toekomst voor Wilma moeten ook wij af van economische groei als ultiem streefdoel. Om de vooruitgang beter te meten, moeten we gebruik maken van andere indicatoren.


Die alternatieven zijn er. Met de zeventien Duurzame Ontwikkelingsdoelen ligt er een globaal streefdoel dat biodiversiteit, eerlijk werk en gelijkheid in acht neemt. Het klimaatakkoord van Parijs is het ultieme doel als het gaat om de klimaatcrisis. Het donutmodel van de Britse econome Kate Raworth beschrijft een maatschappij die opereert binnen de planetaire grenzen en ons toch voorziet van goed onderwijs, schone energie en een veilig inkomen.


Ook betere indicatoren zijn er. De Better Life Index van de OESO kijkt naar dingen als de kwaliteit van wonen en de balans tussen werk en privé. De EU heeft het Beyond GDP-initiatief, waarbij ook sociale en ecologische factoren in rekening worden genomen. In Nederland is er jaarlijks de Monitor Brede Welvaart. Keuze genoeg dus tussen betere doelen en betere graadmeters.


Daarom, wanneer de coronacrisis binnen enkele maanden achter de rug is, en de krantenkoppen weer groei voorspellen, gaan Wilma en ik niet zonder meer juichen. Dat mensen weer aan het werk kunnen, vinden we super. Dat kleine zaakvoerders weer een inkomen krijgen natuurlijk ook. Maar groei om groei, daar malen we niet meer om. Dan wisselen we met plezier wat bbp-procentpunten in voor een schoon milieu, een stabiel klimaat en tevreden werknemers.

77 views0 comments

Recent Posts

See All